Naar Kuta
Druk afscheid nemen van Emma, Maxim, Erin en Kevin, en dan ben ik na tien dagen rust in Ubud weer onderweg. Meteen weer dat gevoel vn vrijheid wanneer ik eenmaal in het zadel zit, en alle vermoeidheid van de afgelopen dagen is opslag weer verdwenen. En ineens ook een beetje spijt dat ik niet gewoon de berg over ben gegaan naar Tulamben en Amed. Dat hoort er echter bij.
Mijn derailleur geeft me wat problemen. Ik denk aanvankelijk dat dit veroorzaakt wordt doordat mijn ketting een aantal dagen geleden gevangen kwam te zitten tussen het achterwiel, alle schakeltjes blijken echter soepel. De spanning op de kabels blijkt bij dat zelfde voorval echter ook een behoorlijke klap gekregen, dus na een kwartiertje pielen in de schaduw en onder de nauwlettende blik van twee peuters stel ik die bij en fiets vervolgens zorgeloos verder.
Tot mijn verbazing blijken kokosnoten alhier tot aan de nok toe gevuld met melk, met een dusdanige druk dat deze naar buiten spuit bij openen. Ook qua volume valt er niet te klagen; de ruime drie kwart liter vocht weet ik maar met moeite naar binnen te zuigen.
Door de rijstvelden, met eerst uitzicht op de drie bergen an Bali en dan de zee. De tempel van Tanalot laat ik voor wat ze is, en begeef me in plaats daarvan langs de kust en met een grote cirkel om Denpasar heen, naar Kuta en het vliegveld.
Kuta valt niet meer te herkennen van toen ik er jaren geleden was. Het is simpelweg een hele andere stad geworden. Druk en volgebouwd, luxueuse winkels, en alhoewel de hoogbouw ontbreekt, zou een vergelijking met de Spaanse costa's zeker niet misstaan.
Op het vliegveld weet ik tien extra kilo's bagagevrijheid los te peuteren, maar voor alles wat daar over gaat moet ik nog steeds betalen. 48USD per kilo. Oef. Dat wordt dus heel goed opletten bij inpakken, en waarschijnlijk hard zweten, want voor een dergelijk bedrag gaan alle warme kleren natuurlijk gewoon aan. Muts op en handschoenen aan, want hoe minder gewicht in mijn tassen, hoe beter.
Een snelle zoektocht naar karton tussen de cargo kantoortjes eindigt in teleurstelling, maar terug in Kuta weet ik wel een redelijk losmen voor een goede prijs te vinden.
Een prachtige zonsondergang op het strand, die eigenlijk pas begint wanneer je denkt dat het al voorbij is, en de lucht ineens rare, bijna misselijkmakende kleuren van geel en paars begint te produceren en het zand in een donkergroen veranderd.
Terwijl ik mijn weg probeer te vinden door nachtelijk Kuta word ik geroepen en zie ik Kevin en Erin achter me rijden. Net gearriveerd, en honger, terwijl ik op zoek ben naar het restaurant dat ze me aangeraden hadden. Zij naar hun prima hotel, waar het management mij ook wel voor een zeer zacht prijsje van een kamer wil voorzien (morgen dus even verhuizen), en dan super eten.
Wanneer ik na een lange avond door smalle steegjes en langs het strand de weg naar huis probeer te vinden, word ik hilarisch of triest eindeloos achtervolgt door een dame op een brommertje die maar al te graag haar diensten wil aanbieden. Help! Wanneer ik haar eindelijk af heb weten te schudden, begint een eindeloze aaneenschakeling van aanbiedingen tot transport, drugs, of erger. Joepie..