Vuurtje?
Onderweg naar een lekker lunch tentje loop ik plotseling een begrafenisceremonie voorbij. Even sta ik te kijken naar het spectacel dat zich voltrekt, maar ik voel me niet helemaal op mijn plaats en daarnaast heb ik honger. Eten dus.
Vanuit mijn stoel en boven een smakelijk visje kijk ik toe hoe een zwarte en een witte koe in vlammen op gaan. De crematie is in volla gang, en drommen toeristen verdringen zich om een en ander vast te leggen. Zelfs de dood is een toeristische attractie geworden.
En ook ik kan de verleiding niet langer weerstaan. Bord leeg, buik vol, en ik wil toch even een kijkje nemen. De toeristen druipen ineens masaal af (de bus vertrekt) en ik blijf als een van de weinige witneuzen achter.
Het eerste deel van de ceremonie heb ik gemist. Met allerlei omwegen, heen en weer geschud en gedraai worden een papieren tempel en een houten stier (de eerste bevat de geest, de tweede het lichaam van de overledene) van huis naar tempel gedragen. Dit gedraai en geschud moet er voor zorgen dan de overledene in de war raakt en de weg naar huis niet meer kan vinden.
Eens bij de tempel gaat de fik in deze prachtige constructies, het lichaam wordt gecremeerd en de geest wordt overgebracht naar een ander gestoelte waar een ceremonie volgt om een soepele overgang naar een volgend leven te bespoedigen, met offergaven en presentjes voor de goden en bewakers die onderweg gepasseerd moeten worden.
Vuur, water, lucht en aarde worden verenigd in een medium, de offergaven en de geest worden gezeged, en op de achtergrond voltrekt zich een wayangspel. Een en ander duurt vrij lang, dus de aanwezige kinderen spelen voetbal en tikkertje, of bladeren in een hoek door een nieuwe en spannende 'Kuifje'. De vrouwen zitten dicht bij de ceremonie en helpen bij het klaar maken van de ofers, terwijl de mannen samen bijkomen van het dragen van de crematieconstructies en het verbranden er van.
En ik zit naast de kant. Van de Hindoes heb ik de afgelopen jaren nog niet veel gezien, dus alles is nieuw, en ik kijk mijn ogen uit en leer.