Huilen tussen de Hindoes
Betaal 's ochtends maar was gister de boodschap, en dat wordt dus een zooitje. Niemand aanwezig, en ik heb geen wisselgeld maar wil er toch echt vandoor. Zonder betalen krijg ik toch ook weer niet over mijn hart, en na wat resultaatloos rondleuren stap ik toch maar op de pedalen naar de grote supermarkt even verderop voor een rol koekjes en kleingeld. De eigenaar is bij terugkomst weer te voorschijn gekomen en kijkt me wat verdwaasd aan. Voortaan weer gewoon vooraf betalen dus.
Door een heerlijk koel bos zet ik koers richting de noordkust van het eiland. Een schuine en wantrouwige blik van het meisje dat de toko runt waar ik wil ontbijten maar het eten smaakt er niet minder om. Op en neer glooit het landschap terwijl ik word omgeven in een kinderkoor dat me 'Hello touris!' toezingt. Op de weg is het druk met brommertjes, getooid met traditioneel gekleede Balinezen; allemaal in sarong, de mannen met een lap op de kop en de vrouwen typische velgekleurde halfdoorzichtige blouses.
Wanneer ik stop voor een glas verfrissing kom ik er achter dat ik langs een beroemd (?) duikgebied rijd. De instructeur die ik bij de warung tref spreekt me als persoon echter niet aan, en een rondje langs de duikscholen leert dat kopje onder hier toch wel behoorlijk aan de prijs is. Niet de tien dollar per duik die me in Maleisië beloofd was, maar een factor drie of vier meer. Gezien het feit dat de accommodatie opties alhier ook niet echt economisch zijn te noemen stap ik dus maar weer in het zadel.
Ik kom er achter dat een es campur (buah) de bron is van de vitamines waar ik al een tijdje naar opzoek was (een simpele fruitsalade bestaat niet, en een gemiddelde vrucht weegt al snel twee kilo); smullen dus. Even verder zijn een aantal tempels te vinden, die de vele Balinezen in traditioneel gewaad verklaren. Vandaag is een speciale feestdag, en dus gaat men, voorzien van de verplichte sarong, op naar de goden.
Meekijken mag, maar dan moet ik er ook eentje om. Voorzien van een lap om mijn middel (loopt best lastig) en paar steile trappen op en uitkijken naar bloemen achter oren en rijstkorrels op voorhoofden. Vandaag wordt gebeden voor succes in business en het niet kapot gaan van de auto. Niet dat dat mij veel uitmaakt, ik geniet gewoon van het spektakel, dat compleet gemaakt wordt wanneer een van de aanwezigen met prachtige stem een traditioneel lied aanzet.
Ik had gehoopt dat het regenseizoen nu toch echt voorbij was, maar er komt weer een grote wolk zwartigheid te voorschijn, een late lunch onder een plastiek zeil in het veld dus. Dan verder naar Seririt op zoek naar een overnachtingsplek. Die zijn er buiten de stadjes ook wel, maar dan vaak net in de vorm van een luxe resort waar ik me financieel en gevoelsmatig net niet thuis voel. Een dak vind ik, en nasi campur met een pilletje Lariam en een vriendelijke gratis kop thee volgen.
De avond eindigt in een grote deceptie wanneer ik in een internetcafé een collectie foto's uit mijn archief zie wegvagen. Virusinfectie. Ik kan mezelf wel vervloeken en heb zin om heel hard te gaan huilen; ik had al het gevoel dat deze machine niet klopte, waarom plug ik dan, als sex zonder condoom, toch mijn kabel naar binnen?? Gedesillusioneerd zet ik richting hotelwaards, ik wil even niemand zien en gewoon in het donker stilletjes op bed liggen.