De Orang Belanda
De dag begint al weer vroeg. Erg vroeg, want wilde dieren zijn net saaie fietsers en staan al op voor de zon. Met mist op het water dobberen we dus slaperig in het bootje en probeer ik mijn ogen te overtuigen dat er gewerkt moet worden, en mijn vingers zo ver te krijgen de ontspanner van mijn camera te beroeren.
De vele makaken zijn aanvankelijk wat saai (ja, ik ben verwend), maar zodra de eerste krokodil in beeld komt is daar niet veel moeite meer voor nodig. Neushoornvogels vliegen topzwaar over in paartjes, witte reigers glijden over het water in overvloed en ook de neusapen hebben er weer zin in.
Na ontbijt is het tijd voor Niels, Myrthe, Wendeline en Eline al weer tijd om te vertrekken, terwijl gids Bart de rest van de aanwezigen instrueert zich klaar te maken voor een wandeltocht door de jungle. Veel is er eerlijk gezegd niet aan, het is warm en drukkend maar het bos verrassend droog, en op een korte instructie over de medicinale werking van een paar planten (drie om precies te zijn) en een spannend bezoek van een bloedzuiger op mijn onderbuik, vraag ik me af waarom ik meegegaan ben.
Lunch en siësta, en tegen het einde van de middag weer de boot in, op zoek naar olifanten. Die houden zich verscholen, maar ik krijg het wel voor elkaar een prachtige foto van een neusaap te produceren. Dat maakt de dag weer de moeite, en met een grote ontspannen lach op mijn gezicht breng ik de dag tot een mooi einde.