Stierenvechten
Vroeg op, prachtig weer en langzaam komt de zon uit de zee en tussen de rotsen achter me naar boven. Heerlijk. Ontbijtje terwijl een buschauffeur op de achtergrond zijn voertuig test, en dan alles achter op en weg. Vriendelijkheid te over, iedereen geniet, en het lijkt spitsuur, maar iedereen buigt en wenst elkaar een goede morgen. Krijg ook nog even een escorte van een troep kraaien, maar na een aantal keer overhoppen naar de volgende boom hebben ze het wel gezien en laten ze me met rust.
Met enige moeite weet ik de juiste pier in de haven te vinden en maak me klaar voor een overtocht naar Okinarabu. Blijk me echter vergist te hebben, beetje scheel gekeken op het schema ofzo, want deze maand vaart die boot morgen pas. Heb nu echter al besloten dat ik hier weg wil, dus val terug op oorspronkelijk plan A en zet per ferry de richting van Tokunoshima in.
Lekker ontspannen op de boot, en bij nadere bestudering van het schema concludeer ik dat ik een aantal dagen terug, op weg naar Amami-Oshima even goed met deze lijn had kunnen varen, maar dan wel een fatsoenlijke nachts slaap gehad had, een lekkere douche kunnen nemen, en alle rust van de golven had kunnen genieten. Jammer maar helaas, volgende keer beter. Een aantal uur later zet ik dus voet aan wal, nu in Tokunoshima dus. Een stuk minder glooiend lijkt het, alhoewel het hoogste punt hier bijna twee keer meer de lucht in gaat dan op het vorige eiland. Ook meer gecultiveerd, en een grotere bevolkingsdichtheid, maar nog steeds vriendelijk en lekker weer.
Langs de oostkust naar beneden, af en toe een gestoorde transporteur van suikerriet, en dan verdwalen op zoek naar de kaap. Tussen suiker en aardappels, grafstenen op idyllische heuveltoppen en een betonnen shrine.
Dan arriveer ik in het land der Stieren, want die zijn hier groot en belangrijk. Iedere zoveel weken worden befaamde stieren-sumo wedstrijden georganiseerd, hoofd tegen hoofd en duwen maar. Geen groenten dan gras dus en een grote cirkel van zand om te oefenen. De ene reus na de andere passeer ik, prachtig volgroeide beesten waar de slager jaloers op zou zijn met een touwtje door de neus.
Ik fiets nog wat en wanneer ik tegen het eind van de dag koers zet naar het strand, komt er ineens een paar ton spieren uit een zijstraat gestormd. Goh, wat leuk, denk ik nog, die boer is zijn stier aan het uitlaten, maar dan kom ik ineens bij wederom een arena terecht, waar een ander al staat te wachten. 'Gaan ze vechten?', gebaar ik. Ja zeker, en kijken is geen probleem.
Zo ben ik een tiental minuten later omgeven door een zestal hompen puur spier, die elkaar een hoofdmassage geven. Luidt loeien, en territorium uit zetten, trapellen met ongeduld en daarna douchen in de zee. Een prachtig spectacel. Dan gaat de zon onder en is het voorbij, terwijl ik op het duin mijn shelter neer zet en uitkijk op Okinarabu.