Slakkengang
De zon wil nog steeds maar niet schijnen, maar ondanks dat vertrek ik toch met Istvan de stad in. Een van zijn doelen hier was een bezoek aan het fotografiemuseum en het uitzoeken van de mogelijkheden tot expositie, want naast een heel apart soort Engels leraar (die eigenlijk meer iets in de trent van cultuur en geografie doceert) is hij van oorsprong eigenlijk artiest en fotograaf.
Onze progressie door de stad is echter langzaam. Heel langzaam. Na honderd meter bereiken we een klein gebouwtje waar een ensemble van dames in kimono allerlei vreemde Japanse instrumenten bespeeld, weer een uur later zijn we nog eens honderd meter verder en vinden we een paar prachtig verstopte tempeltjes, en nog eens honder meter verder raken we verstrikt in een oud handelshuis. Eigenlijk valt er ook nog een speciale dans te bezichtigen, maar er zijn dan inmiddels al ruim drie uur verstreken, en we hebben een natuurlijk niet te missen afspraak met onze mysterieuze gastvrouwe.
Na nog een klein oponthoud komen we elkaar uiteindelijk weer tegen in het fotomuseum, en hebben tussen de niet al te interessante documentaire over een bepaald tempelfestival, eindelijk de mogelijkheid elkaar wat beter te leren kennen. Voor Istvan is het 's avonds tijd op de trein te stappen; morgen moet er weer gewerkt worden, en ik verdwijn met Mayumi in de lokale luxe bakkerij. Aldaar gaat het kwa gespreksonderwerpen behoorlijk de diepte in, en we vergeten dan ook totaal dat de zaak op een gegeven moment dicht gaat. Japans vriendelijk als ze zijn laten ze ons echter gewoon zitten, en vinden ze het geen punt dat we pas een half uur na sluitingstijd weer buiten staan.