In het stadspark
Heerlijk uitgeslapen op mijn kampeerplekje vind ik bij het inpakken van mijn tent een klavertje vier. Een gelukkig voorteken?
Via een paar binnenweggetjes kom ik in een klein dorpje terecht, waar zowaar een echte markt aan de gang is. Dat moet ik zien natuurlijk, en ik word heugelijk verrast bij hoe betaalbaar hier alles ineens is. Ik koop vijf Koreaanse peren voor 100 yen per stuk (een koopje), om er na een paar minuten heerlijk smullen achter te komen dat er ook kilo's manderijnen en appels of grote trossen bananen voor spotprijzen verkocht worden. Duidelijk, volgende keer fruit weer een markt opzoeken dus.
Door mijn dwalingen het dorp in sta ik ineens voor de deur van de bibliotheek, een modern gebouw met aan de buitenkant een dikke laag beton en binnen luchtig licht modern ingericht. Binnen tien minuten heb ik een antwoord van Erika in Nagano, een mazzeltje, en dat wil zeggen dat ik voor komend weekend waarschijnlijk onder zeil ben. Pinnen mag om de hoek, dus ook financieel weer zeker, een lekker begin van de dag.
In Niigata, de stad van sake, even informatie zoeken, maar bij nader inzien lijkt een proefsessie me toch niet al te slim met een toch vrij lege maag en een dag fietsen in het vooruitzicht. Wellicht ergesn anders.
Langs de zee met prachtig licht eerst door een bamboebos en later langs en door een serie spectaculaire kliffen. Uiteindelijk schop ik het tot Teradormari, waar ik in een supermarkt te horen krijg dat er over twintig kilometer een kampeerplek te vinden is. Honderd meter verder zie ik naast mij echter een prachtig stadspark aan zee verschijnen, en het lokale havenbedrijf vind het geen punt als ik daar mijn tent neerzet. Een beetje vreemd, zo in het midden van een stadje kamperen, maar wel lekker.