De portacabin
Weet ergens een paar minuten internet te versieren, en daarmee een reaktie van Thermarest. Mijn matras lijkt te lijden aan het loslaten van lijmlagen, het zogenaamde proces van delaminatie. Niet te repareren, maar valt onder garantie; matrasje inleveren en nieuwe kkomen ophalen. Goed nieuws, mede ook omdat dat gewoon hier in Japan kan. Wel zo makkelijk.
Eenmaal buiten is de lucht pikzwart geworden. Onweer op komst. Fiets een stukje en duik met de eerste druppels een tankstation in. Even schuilen.
Dat geeft me tevens de kans de Japansee pomp bedienders eens beter te aanschouwen. Zodra zich een automobilist vertoont roepen ze hem met z'n allen een hartelijk goedemiddag toe; Konichiwa!! of iets in de trent. Vervolgens gaan ze als vluchtpiloten in de weer, en coachen de bestuurder in positie, ja, ja, ja, ja, kom maar, nog een stukje, goed zoooo! (zou je je trouwens ook een heel ander tafreel bij kunnen voorstellen). Raampje open, creditcard met een hoffelijke buiging in ontvangst nemen, tank vol terwijl een ander de raampjes schoonmaakt (dat laatste slaan ze vandaag even over), nog eens diep buigen en uitzwaaien maar!
Ik neem na een tijdje wachten ook maar de gok en rijd vol goede moed de regen in. Gaat echter van kwaad tot erger met een aantal inslagen iet al te ver van me vandaan. Dit is niet leuk meer. Zie geen hand voor ogen door opspattend water, maar weet het toch tot een roadstation te halen, en wacht daar tot het echt droog is.
Droogte afgewisseld met miezerregen, maar zeven nadat ik besluit regenkleding uit te trekken en even te lunchen in een supermarkt, begint het weer. Druppel na druppeel, soms gieten, vaak gewoon regen en met mazzel af en toe wat miezer.
Tenmidden van dit alles stuit ik op een Koreaanse familie die ook een paar dagen op de tweewieler geklommen zijn. Terwijl ik met zoonlief praat, raakt moeders een riggel en gaat languit over de straat. Gelukkig niks ernstigs. We besluiten na een paar kilometer maar ieder ons eigen weg te gaan, misschien tot vanavond in een Rider House, maar eigenlijk betwijfel ik dat, want zelfs ik ga daar waarschijnlijk pas na donker aankomen.
Het mooiste stuk van de route valt precies in het donker,en daar krijg ik dus weinig van mee. Bij en tankstation in het licht het adres opzoeken, en meteen een bediende om me te helpen. In het dorp waar ik nu ben schijnt ook mogelijkheid tot overnachting te zijn, maar geen douche of bad. Dan liever nog een paar kilometer op de tast, want een warm bed daar ben ik na vandaag toch wel aan toe.
Eens in Shintoku kost het me wat moeite het Rider House te vinden. Denk eerst dat het gesloten is, maar na drie keer vragen kom ik uit bij een eenzame portacabin op een parkeerplaats naast het station. Niemand daar, maar deur is open. Gratis overnachten, maar wel helemaal zonder voorzieningen. Ik vind het prima. Badhuis om de hoek en een flink glas sake bij het eten, daar word je wel warm van.