Honderd worden
Tijd om te klimmen! De Tai Shan is hier om de hoek, een van de belangrijkste bergen voor de aanhangers van Confucius (als ik me niet vergis is dit het 'midden van de Wereld'), een lekker stukje lopen, en, ook mooi meegenomen, als je boven komt kun je daar honderd mee worden..
Linda wil liever niet op de foto zodat de buitenwereld niet kan zien dat ze niet al te snel naar boven kan op haar slippertjes, en ik loop een stukje sneller, dus besluiten we beiden ons eigen tempo naar boven te lopen.
Trede na trede, trapje op, van nog geen driehonderd meter helemaal naar de vijftien toe. Een ware martelgang, nog moeilijker gemaakt doordat stijlte en treegrote per gedeelte verschillen. Af en toe voelt het alsof je een heerlijke wandeling door een park aan het maken bent, en even later loop je weer over reuzetreden, waar je nauwelijks je tenen op kwijt kunt. Probeer toch een ritme van twee treden per stap aan te houden, en zweet me dan ook helemaal te pletter. Het duurt dus ook niet lang voordat ik er uitzie alsof ik zojuist met kleren en al onder de douche vandaan ben gekomen.
De Chinezen pakken een en ander heel anders aan en maken er echt een dagje uit van. Onderweg overal stoppen, picknicken, of tempeltjes langs het pad te bezoeken. Wierook branden, slotjes hangen (voor geluk?) of geld aan de bomen knopen (voor rijkdom?).
Binnen een uur ben ik op de helft, en een ruim uur later 'boven' (South Gate to Heaven, de eigenlijke top nog een stukje verder). Tril op mijn benen, vooral het laatste stuk was een killer, en mijn benen hebben het helemaal gehad.
Het schijnt dat de eerste woorden die je boven op de berg uitspreekt van magische betekenis zijn. Door een ongelukje verlies ik bijna de gehele inhud van mijn waterfles, aldus zullen die van mij "Shit!" zijn. Zit je al dagen te denken over wat voor wijsheid je over de wereld zult uitzenden, krijg je dat..
Loop een klein rondje, en plaats mezelf strategisch naast de trap, stiekum toch een foto van Linda proberen te maken, maar ze is me te vlug af, en staat ineens achter me. "Ni hao!". Toch een stuk representatiever dan "Shit!" als je het mij vraagt..
Boven is het bijna plat, alhoewel er toch nog behoorlijk wat trappetjes verborgen zitten. Langs een paar mooie tempels en uitzichten, rotsen vol met Chineese wijsheden, op naar het hoogste punt, 1547m. Drukte van belang, rijen mensen die grote en superdure wierookstaven komen offeren, die ze vaak de hele klim meegedragen hebben, en, volgens de scherpe observatie van Linda, binnen minuten na vertrek van de offergever, in stukjes worden gebroken en in het vuur gegooid. Tsja..
Frisdrank verkopers vragen belachelijke prijzen voor hun waar, dus hard lachend laten we die maar voor wat ze zijn. Langzaam naar beneden, ouch, dat doet pijn, en het wordt hoe langer hoe stiller. Het lijkt er op dat het gros van de mensen (of eigenlijk iedereen wel) de terugweg met stoeltjeslift en minibus bevaard..
Na een aantal uur strompelen we langs frisse watervallen en dezelfde tempels als op de heenweg, uiteindelijk langs de in/uitgang weer naar buiten. In de stadsbus die ons terug naar huis brengt val ik al half in slaap, en zodra we onze hotel kamer bereiken hebben we zelfs voor eten niet al te veel puf meer. Languit gestrekt in coma.