Op het hoogste punt
Na een heerlijk dubbel ontbijt van een grote schaal vette plov en een paar pannenkoeken toe, verlaten we onze homestay. Wat geneuzel over de prijs; de eigenaaar wil ineens een aantal dollars meer zien, maar jammer voor hem, want afspraak is afspraak. Tara doet nog een photoshoot op de markt en dan is het trappen geblazen.
De weg glooit langzaam omhoog, maar het weer is in de war. Van alle kanten blaast de wind, dan weer warm, dan weer koud, strak blauwe lucht afgewisseld met sneeuw. Interessante landschappen maar wel koud en een groot paar hoorns van het Marco Polo schaap langs de weg.
De laatste vijf kilometers naar de 4655m hoge pas zijn killing, de laatste kilometer onverhard, maar kwart over vijf en ik ben eindelijk boven. Tering wat ben ik kapot. Men zegt dat je op het hoogste punt moet stoppen, en aangezien ik niet hoger zal raken dan hier, vangt vanaf nu de terugreis aan.
Weer en weg werken niet echt mee, de lucht is zwart en er is storm op komst en we willen zo snel mogelijk afdalen naar een lager gelegen plek om daar de nacht door te brengen. Muts op, mondkap voor, en gaan. Niet dus. De weg is dusdanig kut, onverhard en wasbord dat we niet vooruit geraken. Wat een deceptie na al die heerlijke kilometers asfalt. Grommend en vloekend stuiteren we dus voort, om uiteindelijk ronde de 4150m onze tenten in een halve sneeuwstorm te verankeren. Koud koud koud, en met verkleumde voeten, een blazende wind en temperaturen onder het vriespunt duik ik mijn slaapzak in.