In de ochtend door de woestijn. Water bijna op, maar na dertig kilometer een klein cafe. Een fles water kost bijna een dollar. Vergeet het maar. Een pot thee van 2 cent dus maar. Water uit de kraan blijkt trouwens gratis, dus toch nog aanvullen. Serveersters zijn leuk, maar jammer dat je 30.000 dollar taks moet bealen om er eentje te mogen trouwen. Turkmenen vragen trouwens alijd naar je geboortejaar en nooit naar je leeftijd.
Rond drieen komt het einde in zicht, Fabriekspijpen geven de aankomst in Turkmenabad aan. Breed lachend langs een aantal vriendelijke agenten bij een check-point en dan langs het spoor door een authentieke buitenwijk opweg naar het centrum. Winkeltje voor drinken vinden is lastig, en bazaar schijnt vanmiddag gesloten te zijn. Uiteindelijk aan de Fanta.
Bakthyar gebeld vanuit telefoonkantoor (heel gedoe om klassieke Russische kwartjes-telefoons door te krijgen) en even later staat hij voor me neus met een Engelssprekende collage. Tot mijn verbazing even oud als ik maar gescheiden met twee kinderen. Schijnt geen probleem te zijn, ondanks onderliggende (niet zo streke) Moslim links hier.
Samen opzoek naar hotel, vinden uiteindelijk een oude Russische suite voor niet veel, neem een douche en daarna samen gaan eten. Een uur wachten worden er echter vier, zonder ook maar een teken van leven. Lekker is dat. Vermaak me ondertussen met de receptioniste van het hotel, die net als ik een combinatie van Engels, Turks, Arabisch en Farsi weet te produceren. Na twee uur toch maar eens geprobeerd te bellen, en dan de melding dat hij er met een half uur is. Jaja.
Uiteindelijk toch samen gegeten, maar niet zoals gepland, zonder collega's en vrouw die ok mee zouden komen. Goed gevuld, maar het wachten waard? Niet echt.