Vroeg uit de veren. Er is me verteld dat het nog 200km naar Dubai is, en ik ga hard me best doen dat allemaal in een dag te fietsen. Na een blikje Casis in S(h)inas (geen trek in Fanta), kom ik rond een uur of twee bij de complexe grenovergang terecht. Eerst een exit stamp en een papiertje, dan een paar kilometer later het papiertje afgeven en nog eens een paar kilometer later een (gratis!) visum voor de Verenigde Arabische Emiraten.
De weg is prachtig en loopt door een eindeloos lint van dadeltuinen met een dreigend wolkenladschap. Bepaalde stukken van de weg zijn wel link, daar brengt de paralelweg uitkomst, maar over het algemeen is het vrij rustig. Zodra de bergen uit de verte steeds dichterbij komen, begint het te regenen (hele rare ervaring na maanden lang in het droge gefietst te hebben) en mag ik lekker gaan klimmen.
Juist na de grensovergang word ik aangesproken door Christophe, een Franse jongen, die eigenlijk zijn hele leven in Dubai gewoond heeft, en nu een eco-touristisch bedrijfje aan het opzetten is op het Messendam Peninsula. We kunnen het wel goed vinden, en blijven dan ook een behoorlijke tijd kletsen, zolang dat ik me begin te realiseren dat ik op deze manier nooit op tijd bij Desire en Eloise zal zijn, vrienden van Kate waarbij ik ook een paar dagen mag komen logeren.
Gelukkig vind Cristophhe het geen punt mijn fiets achterin te gooien, en al kletsend door te rijden naar Dubai. Drinken samen nog een lekkere kop koffie, en sta even later mooi optijd voor de deur bij mijn gastgezin.
Na een heerlijke maaltijd van Japanse vis in soja saus, krijg ik een rondleiding door de Mall of the Emirates, inclusief indoor skibaan. Hoe gestoord!