's Ochtends voel ik iets kriebelen in mijn schoen. Het blijkt een gigantische kever te zijn (centimeter of 3 met superlange woestijnpoten), die me vannacht ook al een aantal keer uit mijn slaap gehouden had, toen hij voor zichzelf een schuilplaats probeerde te zoeken onder de afvalzak die hij voor rots aanzag. Zoals altijd wel eerst mijn schoenen uitgeklopt voor aantrekken, maar dat blijkt in de praktijk dus niet echt te werken..
Het zat de beste kever vandaag trouwens niet mee wat schuilplaatsen betreft; nadat ik hem uit zijn benarde positie bevrijd had, probeerde hij het achtereenvolgens nogmaals onder de waterzak, het grondzeil, mijn fietstassen, de bal van mijn voet, en mijn achterwiel. En dat terwijl er een meter verder op toch een hele mooi hoop niet bewegende stenen lag..
Onderweg naar Rima kom ik big-daddy Hissam, de Egyptenaar van gister, weer tegen. Hij had me al gezegd dat hij voor een inspectie naar Rima zou gaan vandaag, maar ik had begrepen dat hij dit 's ochtends vroeg al zal doen. Niet dus. Vanaf zijn achterbank toverd de beste man een ontbijtpakket te voorschijn, en nodigt me eveneens uit om vanmiddag bij PDO Rima samen met hem te komen luchen. Wat een held!
Rond een uur of twee loop ik dus te smullen van een heerlijke chicken-curry, en worden mijn tassen wederom volgestopt met brood, fruit en frisdrank. Shell helpt u opweg!
Na een welgemeend afscheid ga ik verder, op naar de zee en de woestijn uit! Onderweg wordt mijn watervoorraad nog een aantal keer gretig bijgevuld door toevallige passanten, en breng de nacht door in een prachtige steenwoestijn (waar ik eindelijk mijn tent weer eens normaal kan neerzetten, zonder dat hij bij het geringste zuchtje wind omver geblazen wordt)
Dan nog voor Henk: Ik denk dat ik wat vloeken betreft op een ex-equo tussen 'kut' en 'damn' terecht kom. Voor pech onderweg niet zo vaak gebruikt, maar eerder voor pech rond de tent, wanneer ik er weer eens achterkom dat mijn brander het niet doet bijvoorbeeld..