Nog een keer omhoog, en dan blijft het de rest van de dag min of meer afdalen. Lekker weer eens, vrij ontspannen dus en al snel in Maras. Helaas ben ik iets te veeleisend bij het uitzoeken van mijn hotel, en realiseer me pas te laat dat ik de afgelopen dagen gewoon erg veel geluk heb gehad met de hotels waarin ik overnachtte en de prijzen die ze me rekenden. Een aantal uur later sta ik dan ook weer met de staart tussen mijn benen voor de deur van het eerste hotel, om te vragen of ik daar toch mag komen overnachten. Na nog wat gezeik over de prijs, waarbij ik goed geholpen word door een Turkse jongeman die een tijd lang in Engeland gewoond heeft, heb ik dan ook eindelijk een dak boven mijn hoofd.
Na een maaltijd gecombineerd uit verschillende lokantas, waarbij ik onderandere de gebruikelijke linzensoep, een aparte bouillion getrokken uit een schapenhoofd, en de verplichte portie baklava verstouw, begeef ik me op pad naar de ijssalon. Ijs, terwijl je een aantal dagen daarvoor nog door de sneeuw reed?? Ja zeker, Kahraman Mares, is namelijk een van die bijzondere plaatsen op de wereld waar je niet doorheen komt zonder eerst een lokaal geproduceerd ijsje te nuttigen. Een speciale bereiding zorgt er voor dat het ijs in de hete zomers buiten de koelkast niet smelt, en zelfs zo hard is dat het aan vleeshaken opgehangen schijnt te kunnen worden. Dit laatste wil ik zeker geloven; ik moet me dusdanig in het zweet werken om een stukje van mijn heerlijke blok roomijs af te snijden dat ik wel aan wat verkoeling toe ben..