De eigenaar van het pension mocht me dan wel uitgenodigd hebben voor het diner, ik vind de manier waarop hij zich gedraagd toch niet helemaal relax. Hij is echter vanochtend met zijn vrouw en zoontje vertrokken om in Antalya te overwinteren, en zijn zwager houdt de tent open.
Ontbijt eet ik als afgesproken rond een uur of 9, doe het rustig aan en onderhoud mijn fiets in het zonnetje, als ik ineens geroepen word. Telefoon! Voor mij?? Ik neem maar op. Het blijkt een franse vrouw te zijn die een reserving wil maken voor aankomend voorjaar, een aangezien de vrouw des huizes enkel het Turks machtig is, word ik aan de telefoon gelaten om het zaakje af te handelen. Vind het wel lollig, dus onthoud netjes de naam en datum die ik doorgegeven krijg, om dit even later door te geven aan die zwager.
Dit vind hij zo prachtig, dat ik meteen uitgenodigd wordt voor een rondleiding door de caravansaray. Daar aangekomen tref ik echter niemand, dus ga ik zelf maar even onderzoek uit, aangezien ik begreep dat hij in een vertrek in de caravanseray werkte.
Na een ruim kwartier komt de kaartjesknipper me tegemoet, en ik vraag hem of hij misschien weet waar ik Farit kan vinden. Even later wordt ik dus weggeleid naar een klein vertrekje aan de markt van het dorp, waar Farit schoenen repareert.
De hele middag loop ik met hem te kletsen, waarna ik maar besluit dat het geen zin meer heeft vandaag nog een stuk te gaan fietsen. Farit vindt het prima en nodigt me prompt uit om met hem en zijn familie mee te eten.
Wat een verschil met afgelopen avond. In plaats van de gehele afstandelijke sfeer die er toen rondom de maaltijd heerste; complete stilte, geen contact tussen de familie leden, enkel eten, en zelf het idee hebben dat je een getolereerde figurant bent, is het nu totaal anders. Het is open, gezellig, er wordt gelachen, met elkaar gepraat, en iedereen heeft het fijn met elkaar. Hoe duidelijk is het verschil tussen een gespeelde en een oprechte uitnodiging..
's Avonds neemt Farit me weredom mee de stad in; hij moet nog wat werken. Voordat hij aan het werk gaat, introduceert hij me echter bij zijn vrienden die tapijten repareren. De hele avond zit ik in hun kleine vertrekje, te kijken hoe ze hun reparaties uitvoeren, en leer over de verschillende tapijten die er in het vertrek liggen. Persie, Azarbeijan, en een paar lokale kleedjes, alleen meer dan honderd jaar oud, en een klein fortijn waard.
Wanneer ik op een van hun vragen antwoord dat een gemiddelde Nederlander rond de 2000 euro per maand verdient, verschijnt er een glimlach rond hun ogen. De beste van hun verdienen namelijk een aanzienlijk hoger maandloon. Ik moet dus maar iets dichterbij komen zitten, krijg een tapijt in mijn handen geduwd, en moet ook maar eens proberen zo'n ding te repareren. Nadat ik echter een paar steken laat vallen, en de draad toch wel een beetje te ver aantrek, besluiten ze dat dit waarschijnlijk toch niet een al te beste optie is, en nemen ze het reparatie werk maar weer van me over.
Mijn oorspronkelijke idee over nachtdienst om onder de Ramadan uit te komen, wordt hier trouwens bevestigd; de slimme mannen werken enkel 's nachts, zodat ze tijdens hun werk lekker kunnen eten en drinken.