Op tijd opgestaan, en er in geslaagd om voordat het echt 'licht' was (uur of 7) mijn spulletjes in te pakken. Helaas de zonsopgang om 7.30u net gemist, doordat ik juist door een dorpje reed toen de zon zich boven de Oostelijken Rhodopen uithees. Lekker ontbijt even verder op, wederom tussen de watjes, en daarna de rustige binnenweggetjes opgezocht. Eerst toevallig een lokale markt tegengekomen (die daar slechts eens in de week gehouden wordt), en toen heel toevallig, terwijl ik me bovenlaagje ivm de oplopende temperatuur uitdeed, bij een amandelboom uitgekomen.
Me vervolgens dus een uur ofzo prima lopen vermaken met het plukken van amandelen (kon aan de 'amandellijn' duidelijk merken dat ik een stukje grote ben dan de meeste locals hier), pellen, en vervolgens 'bashen' ervan. Uiteindelijk als troste bezitter van een ruime ons verse, zelf geplukte en gepelde amandelen verder gereden, maar snap wel ineens waarom amandelen zo duur zijn als ik zie hoeveel werk er in het plukken enzo zit. En dan zijn ze nog niet eens gerookt en/of gezouten..
Vanaf Neo Santa ging de weg weer omhoog. Het soort van weggetje waar je (of tenminste ik) helemaal gelukkig wordt. Door een soort van valleitje, ongerepte bossen aan beide zijden, in de diepte een opgedroogde rivier en een paar stukjes gras, mooie gladde weg, niet te stijl en bijna geen verkeer. Heerlijk!
Na bijna 20 kilometer lekker klimmen, met een effectieve stijging van waarschijnlijk een meter of 800 (maar in totaal een stuk meer vanwege vele stukje op en neer tussendoor), en een paar keer slalommen tussen op de straat lopende kuddes koeien (ja, eindelijk weer eens Tom!), word ik precies op het hoogste punt verwelkomt door een herder met zijn kudden geiten.
Hij kijkt zijn ogen uit en houdt enthousiast een heel verhaal tegen me, maar ik versta er geen fuck van. Het lijkt dan ook noch op Grieks, noch op Turks (wat op de markt door een behoorlijk aantal mensen gesproken werd), maar dat kan natuurlijk ook aan de ongetraindheid van mij oor liggen. Wat baal ik dat ik niet wat beter Grieks kon, want ik zou graag eens met die man kletsen. Een beetje ouzo was ook mooi geweest, maar helaas heb ik net vanochtend de laatste slok bij ontbijt opgemaakt (oei, schrijf ik dat nou echt?? toch niet de E van CAGE he.. als dat maar goed gaat.. ;)), dus dat zit er ook niet in. Gedag zeggen, zwaaien, en verder dus maar.
Het eerste deel van de afdaling is ook prachtig, ik voel me echt King of the Hill. Later verdort het landschap echter en wordt het wat saaier. Licht glooiend naar beneden toe, tussen ingegraven Griekse bunkers en legerbases door, naar schaars voorkomende gehuchten. Rond een uur of vier besluit ik dat het genoeg is voor vandaag en kom ik in een rustig weiland met uitzicht op Bulgarije uit.